Kempisch Heideschaap

 


 
Rasbeschrijving

 
Het Kempisch Heideschaap is een middelgroot schaap. Het staat hoog op de benen en heeft een lange rug. De hals is lang en wordt gestrekt gedragen. Volwassen ooien wegen tussen de 45 en 65 kg. Kempische heideschapen brengen gemiddeld ongeveer 1,5 lam groot. Jonge (eenjarige) ooien worden vaak nog niet bij de ram gelaten.
De kop is lang, smal en onbewold en glanzend behaard tot achter de oren. Het dier heeft een weinig verheven neus en een plat voorhoofd. De kop en de poten zijn meestal wit van kleur, maar soms ook bruin of gespikkeld. De ooien en de rammen zijn altijd ongehoornd. De wol van het Kempische Heideschaap is wit en tamelijk fijn en er valt geen scheiding in. De wolopbrengst is gemiddeld drie kg. De buik en soms ook de keelgang is onbewold. De bewolde staart is lang en komt tot enkele centimeters onder de hak.

 


 
Geschiedenis

 
De oorsprong van het Kempisch Heideschaap ligt in oostelijk Noord-Brabant; rond Uden, in de Kempen en in de Peel. De lammeren werden op rijkere gronden afgemest en na twee jaar voor de slacht verkocht naar België. Het ras was dan ook vrij goed als vleesproducent. In 1900 waren er nog 40.000 ooien, in 1960 was het ras vrijwel uitgestorven. In 2000 zijn er 1800 dieren die voornamelijk in kuddeverband gehouden worden.
Het Kempisch Heideschaap is geschikt voor het beheer van heideachtige vegetaties en van schrale graslanden zoals op de Strabrechtse Heide. De Kemp geeft vlees van een goede kwaliteit.
In 1967 werd de Stichting Kempisch Heideschaap opgericht onder aanvoering van Jan Wille. De stichting begon met terugfokken in Heeze met als basis de kudde van de Strabrechtse heide die uitgroeide tot ongeveer 300 ooien. Hiervoor werden zogenaamde Limburgse Veldschapen aangekocht. In het begin zijn rammen gebruikt van het Megellandschaap en van Veluwse Heideschapen. Daarna volgt in het begin van de zeventiger jaren SBB St Anthonis met materiaal uit Heeze en in 1982 de kudde in Leende (Stichting Schaapskudde Groote Heide). Vanaf 1984 is er een uitwisseling van rammen tussen de verschillende houders. In 1994 wordt de kudde in Heeze erkend fokcentrum van de SZH. In 1996 wordt het stamboek opgericht (Vereniging Stamboek Het Kempische Heideschaap).